Ik ben nooit van streek om de reden die ik denk, omdat ik voortdurend probeer mijn gedachten te rechtvaardigen. Ik probeer ze voortdurend waar te maken. Ik heb mij niet gerealiseerd hoezeer ik alles wat ik zie heb misbruikt door het deze rol toe te kennen. Ik heb dit gedaan om een gedachtensysteem te verdedigen dat mij pijn heeft gedaan en dat ik niet langer wil. Ik ben bereid het te laten gaan.